Snoeihard oordeel over optreden arbitrage tijdens bekerduel Feyenoord-PSV
PSV had in de bekerwedstrijd tegen Feyenoord op 24 januari jongstleden een strafschop moeten krijgen na de vermeende overtreding van Mats Wieffer op Noa Lang. Dat is het oordeel van de technische staf van de scheidsrechters over het optreden van de arbitrage in De Kuip.
Zo schrijft Mike Verweij van De Telegraaf vrijdagmiddag althans. Feyenoord rekende ruim een week geleden in de achtste finales van de KNVB Beker dankzij een doelpunt van Quinten Timber af met PSV, maar na afloop ging het vooral over één moment. Lang was in de tweede helft ingevallen en met zijn dribbels een last voor de Feyenoord-defensie. De invaller was ook Wieffer te snel af, die de aanvaller vervolgens op de voet leek te raken. Lang ging naar de grond en schreeuwde om een strafschop, maar scheidsrechter Dennis Higler wilde van niks weten.
De arbiter en de VAR hadden wel even contact over het moment, maar dat was niet lang. Wat heet: het contact tussen Higler en videoscheidsrechter Clay Ruperti duurde slechts drie seconden. Bovendien werd het beeld van achter het doel, ‘waarop het contact het best is te zien’, niet eens bekeken. “Higler, die zelf niet aanwezig was vanwege een UEFA-seminar op Cyprus waar ook Danny Makkelie, Serdar Gözübüyük, Marc Nagtegaal, Pol van Boeken en Rob Dieperink acte de présence gaven, moest het sowieso ontgelden. Zijn manier van fluiten - en dat met name het uitdelen van de kaarten - werd als ‘onnodig agressief’ en ‘een international onwaardig’ beoordeeld door de technische staf”, zo klinkt het.
PSV-trainer Peter Bosz stak zijn frustraties over het optreden van Higler na afloop niet onder stoelen of banken. De oefenmeester vond het overduidelijk een strafschop en hekelde een aantal journalisten in de perszaal die er anders over dachten.
PSV had inderdaad een strafschop moeten krijgen