De technische staf van Óscar García heeft zich in de eerste weken bij Jong Ajax verbaasd over de cultuur in Amsterdam. Volgens Mike Verweij van De Telegraaf zag de Spaanse enclave de Amsterdammers zelfs als een amateurvereniging.
Een maand geleden werd García door Jordi Cruijff aangesteld als nieuwe trainer van Jong Ajax, nadat Willem Weijs was ontslagen. Na de nederlaag van Ajax bij FC Groningen greep de nieuwe technisch directeur opnieuw hard in: hij zette Fred Grim aan de kant bij het eerste elftal en schoof García door naar de hoofdmacht.
Naast de promotie van de hoofdtrainer zelf maken ook assistent-trainer Carlos García, keeperstrainer Juan Pablo Colinas en fysiektrainer Enrique Sanz de overstap naar het eerste elftal. Dit drietal is, net als de nieuwe eindverantwoordelijke, afkomstig uit Spanje.
De komst van Colinas heeft directe gevolgen voor de huidige samenstelling van de staf: hij neemt de taken over van keeperstrainer Harmen Kuperus, die daardoor plaats moet maken bij de hoofdmacht. Ook oud-Ajacied Kiki Musampa gaat deel uitmaken van de technische staf van García.
Verweij komt in de podcast Kick-off met een opvallende stelling over de begindagen van de Spaanse enclave in Amsterdam: “Die Spanjaarden hebben bij Ajax rondgekeken. Die hebben zich hoogst verbaasd over de cultuur. Ze zeggen: het lijkt wel een amateurvereniging”, aldus de Ajax-watcher van De Telegraaf.
“In de zin van: er wordt gewoon veel te weinig getraind. García wil de zweep eroverheen gooien. Misschien heeft Ajax dát nodig”, vervolgt de journalist.
Het spel van Ajax in de tweede helft tegen FC Groningen (3-1-nederlaag) noemt Verweij vervolgens een ‘uitgeblust zooitje’.
“Jordi (Cruijff, red.) neemt wel maatregelen. Hij zei maandag ook op de buitengewone algemene vergadering van aandeelhouders dat verliezen consequenties heeft. Dat hij niet bang is om beslissingen te nemen, want bij Ajax moet er echt wat veranderen.”