Stéphano Carrillo had er bij zijn komst naar Nederland geen rekening mee gehouden dat Feyenoord hem direct van de hand zou doen voor een verhuurperiode. De Mexicaanse spits werd dit seizoen gestald bij FC Dordrecht om vlieguren te maken in de Keuken Kampioen Divisie. In het clubmagazine van de club blikt hij terug op het afgelopen seizoen en de voor hem onverwachte stap naar de Schapekoppen.
De overstap van zijn thuisland naar Europa viel de jeugdinternational zwaar. De taal, het klimaat en het eten zorgden voor een flinke cultuurshock. "Ik heb mijn hele leven in Mexico gewoond en ik houd van het land", vertelt Carrillo. "Toen ik hoorde dat ik naar Nederland kon, was ik heel enthousiast, maar ook bang. Ik wist dat ik mijn familie moest achterlaten en dat vond ik moeilijk. Alles is anders. De taal, het eten, het weer… Je moet overal aan wennen." Tijdens interlandperiodes reist zijn familie regelmatig af naar Nederland om hem bij te staan, momenten die de spits naar eigen zeggen hard nodig heeft.
Nadat hij voor 2,5 miljoen euro overkwam van Santos Laguna, moest de jonge spits al snel weer naar een andere club en dat viel hem zwaar. "Ik had niet verwacht dat ik verhuurd zou worden door Feyenoord, dus het was opnieuw wennen aan een nieuwe omgeving en speelstijl. Je weet wat je kan, maar soms komt het er niet meteen uit. Ik voelde me steeds beter en meer op mijn gemak. Toen kwam ook het vertrouwen terug en kon ik me focussen op wat ik het liefste doe: goals maken."
Bij Dordrecht kwam Carrillo dit seizoen in 33 duels tot vier doelpunten. Trainer Dirk Kuyt was nog niet tevreden over deze bijdrage. "Van Carrillo had ik op dit moment al meer verwacht", stelde de oefenmeester onlangs op televisie. Volgens Kuyt kampt de jonge aanvaller met de hoge verwachtingen die zijn ontstaan door het succes van zijn landgenoot Santiago Giménez bij Feyenoord. "Op dit moment is het niet voldoende wat hij gepresteerd heeft, daar zijn we het met zijn allen over eens", aldus zijn trainer.
Om zijn draai te vinden in de kleedkamer, trekt Carrillo veel op met teamgenoten als Lawson Sunderland, Nicolás Rossi, Martin Vetkal en Mica Pinto. De mogelijkheid om Spaans te spreken met teamgenoten geeft hem een gevoel van thuis. Ondanks de moeizame start houdt de spits vast aan zijn grote doel. Hij geldt in zijn thuisland als een grote belofte en wordt nauwlettend gevolgd door de bondscoach met het oog op het komende wereldkampioenschap in eigen land. "Ik wil mijn land op de kaart zetten en laten zien wat ik kan", stelt Carrillo. "Dat motiveert me elke dag om beter te worden. Ik wil sowieso ooit terug, want Mexico blijft altijd mijn thuis."