Het Nederlands elftal heeft de tweede wedstrijd onder bondscoach Xavi winnend afgesloten. Oranje was met 1-2 te sterk voor Servië in Belgrado, waar Mexx Meerdink opnieuw een goede indruk maakte. Toch is er ook werk aan de winkel voor het Nederlands elftal. Drie conclusies.
Met twee fraaie doelpunten is het niet gek dat Mexx Meerdink het onderwerp van gesprek is na het duel tussen Servië en Nederland. De spits benutte een strafschop en zette Oranje na de gelijkmaker van de Serviërs opnieuw op voorsprong. Dat was overigens niet het enige waarin de AZ'er uitblonk. Meerdink liet, net als een paar dagen geleden tegen Duitsland, zien dat hij uitstekend binnen het type spel van bondscoach Xavi past.
Meerdink voetbalt namelijk ontzettend makkelijk mee binnen het huidige Nederlands elftal. Hij beschikt over veel voetballend vermogen, waardoor hij door Oranje ook in de combinaties kan worden gebruikt. Dat liet hij in de eerste helft goed zien, toen hij Denzel Dumfries op fraaie wijze alleen voor de keeper liet verschijnen.
Na zijn debuut tegen Duitsland volgde dus opnieuw een meer dan verdienstelijk tweede optreden van Meerdink in Servië. Dat zal naar meer smaken voor de aanvaller, die het volgende week met Oranje opneemt tegen Griekenland en Servië.
Ondanks dat Meerdink goed was, was zeker niet alles wat Oranje liet zien in Servië sterk. Makkelijk was dat misschien ook niet. De omstandigheden waren niet ideaal, met een leeg stadion en een tegenstander die liever verdedigt dan aanvalt. Toch mag er veel meer worden verwacht van Oranje. Het was gezapig, statisch en vaak veel te slordig.
Hoewel Servië vooral verdedigde, kreeg de thuisploeg ook behoorlijk wat goede kansen. Oranje-doelman Bart Verbruggen werd een paar keer serieus getest en moest uiteindelijk ook een tegendoelpunt incasseren. Dat zou niet mogen gebeuren.
Nederland kwam die gelijke stand uiteindelijk te boven, maar zal over een week anders voor de dag moeten komen tegen Servië. De thuisploeg kreeg Oranje in delen van de wedstrijd precies in de positie waarin het Nederlands elftal het niet wil komen: Oranje had de bal, maar kwam slechts tot acht doelpogingen. Servië verdedigde vooral, maar creëerde desondanks zes goede kansen.
Het tweede bedrijf geeft wat dat betreft wel goede hoop. Toen kwam Oranje beter voor de dag, zeker in vergelijking met de eerste 45 minuten.
Tijjani Reijnders speelde in Belgrado een relatief anonieme wedstrijd en dat kwam het spel van het Nederlands elftal niet ten goede. Zeker in de eerste helft kwam er maar weinig creativiteit van Oranje. Dat is juist een cruciaal onderdeel in wedstrijden tegen tegenstanders als Servië, die met vijf verdedigers en een defensief wedstrijdplan vooral zo lang mogelijk willen overleven. Reijnders, die ook een honderd procent scoringskans om zeep hielp, wist daar als aanvallende middenvelder onvoldoende aan bij te dragen. Dat is geen incident, want dat was onder bondscoach Ronald Koeman ook regelmatig zo.
Het werkt voor bondscoach Xavi niet mee dat een speler als Justin Kluivert niet fit is. Hij zou met zijn kwaliteiten wellicht voor meer creativiteit kunnen zorgen. Nu was dat onvoldoende. Oranje werd echter wel sterker door de invalbeurt van Guus Til, die meer diepgang aan het spel toevoegde. Het leverde uiteindelijk de 1-2 op.