Nigel de Jong luidt de noodklok: 'Dit gaat zo niet langer'
Nigel de Jong luidt in gesprek met de NOS de noodklok over de overbelasting van speelsters in het vrouwenvoetbal. De oud-international, tegenwoordig technisch directeur bij de KNVB, vindt dat er stevig moet worden ingegrepen om de steeds voller wordende speelkalender terug te brengen tot menselijke proporties.
Het vrouwenvoetbal heeft de afgelopen jaren, niet alleen in Nederland, een grote vlucht genomen. De keerzijde is dat de speelsters daardoor steeds meer wedstrijden in steeds langer aaneengesloten periodes moeten spelen. Met als gevolg zware knieblessures, denk aan Oranje-internationals als Vivianne Miedema en Jill Roord, maar óók psychische overbelasting. "Als we in dit tempo doorgaan, plegen we echt roofbouw op de speelsters. Dit gaat zo niet langer", zegt De Jong.
LEES OOK: Oranje Leeuwinnen kwalificeren zich na moeizaam gelijkspel voor EK in Zwitserland
In zijn hoedanigheid als technisch directeur van de voetbalbond heeft De Jong met een aantal buitenlandse collega's bij zowel de FIFA als de UEFA 'op de deur gebonsd' om de overbelasting tegen te gaan. Inmiddels kan hij wat kleine succesjes melden: "Ik ben er tevreden over dat we meer continuïteit krijgen in de speelkalender. In het verleden werd die op het laatste moment door de FIFA geïnitieerd. Het vrouwenvoetbal werd altijd een beetje om de mannenwereld heen gebreid. Ook wordt de rustperiode in de zomer voor vrouwen wat langer, tussen de twee en drie weken. We wilden eigenlijk vier weken, maar dat blijkt erg lastig." Verder zal één interlandperiode geschrapt worden van de kalender.
Toch is er nog veel werk aan de winkel, benadrukt De Jong. Zo spelen de vrouwen sinds vorig seizoen óók om de Nations League en voegt de FIFA in 2026 een WK voor clubteams toe aan het toch al zo volle speelschema. De Jong pleit voor uitstel van dat laatste toernooi: "Is dat bevorderlijk voor het vrouwenvoetbal? Ik denk het niet. We kunnen er wel veel wedstrijden inpompen, maar waar zijn dan de rustperiodes?", vraagt de bestuurder zich hardop af.
De Jong pleit voor doorontwikkeling vrouwenvoetbal
"We moeten vooral kijken hoe we het vrouwenvoetbal aan de onderkant kunnen ontwikkelen. De jeugd. Bij de amateurs, de clubs, de nationale elftallen", vervolgt De Jong. Als speelsters op jongere leeftijd meer (kracht)training krijgen én meer wedstrijden spelen, is de stap naar het profbestaan kleiner, zo is de gedachte. Ook moet de uitstroom van meisjes tussen de twaalf en zestien naar beneden. "Daarom moeten we de faciliteiten voor meisjesvoetbal verbeteren", concludeert De Jong.