Milan van Ewijk heeft het Nederlands elftal nog niet uit zijn hoofd gezet, zo vertelt hij tegenover Voetbal International. De rechtsback, die vrijdagavond met Coventry City naar de Premier League promoveerde, ziet echter dat de concurrentie fors is.
Van Ewijk maakte in Nederland naam bij ADO Den Haag en sc Heerenveen. De verdediger verdiende vervolgens een transfer naar de Championship, waar hij is uitgegroeid tot een vaste waarde bij het gepromoveerde Coventry. Tijdens de intercontinentale play-offs van afgelopen maart had Henk ten Cate de rechtsback er graag bij gehad bij Suriname.
Dat ging echter niet door. Net als Danilho Doekhi mocht Van Ewijk niet van nationaliteit wisselen. “Ik had Suriname graag geholpen geschiedenis te schrijven en baalde voor de tv toen ze werden uitgeschakeld”, begint de 25-jarige.
Door ‘al die problemen’ met paspoorten twijfelt Van Ewijk überhaupt over een interlandcarrière bij Suriname: “Omdat Nederland toch wel een groter platform is. Je zou denken dat je in beeld komt als je in de Premier League speelt.”
Toch beseft Van Ewijk zich maar al te goed dat de route naar Oranje niet eenvoudig zal zijn. “Mijn positie, pfff, dat is wel een van de moeilijkste”, verzucht hij. “Jurriën Timber, Denzel Dumfries, Jeremie Frimpong, Lutsharel Geertruida, Jordan Teze: jongens die allemaal al een tijdje in topvijfcompetities spelen. Maar als je beter bent dan de anderen, verdien je een kans. Wie weet”, sluit hij af.