De KNVB zorgde woensdag voor een verrassing door Xavi Hernández aan te stellen als opvolger van Ronald Koeman bij Oranje. Ook de Spaanse pers kijkt op van de aankondiging. Ook wordt een parallel getrokken met Barcelona in 2021, waar Xavi ook de opvolger werd van Koeman.
Na een lange zoektocht wist de KNVB woensdag eindelijk de nieuwe bondscoach te presenteren; Xavi heeft een contract getekend tot en met het WK van 2030. De naam van de wereldkampioen van 2010 was lang stilgehouden en kwam pas enkele uren voor de aankondiging naar buiten. Daardoor kwam de aankondiging van de bond voor velen als een verrassing, ook in Spanje.
MARCA wijst er direct op dat Xavi ook in 2021/22 de opvolger was van Koeman bij Barcelona, nadat de Nederlander werd ontslagen. “Na 48 jaar krijgt Oranje weer een buitenlandse bondscoach. De laatste was de Oostenrijker Ernst Happel in 1978”, klinkt het. “Nederland heeft gekozen voor een coach die bij Barcelona een revolutie inzette door kansen te geven aan spelers die deze zomer wereldkampioen werden, zoals Lamine Yamal, Pau Cubarsí en Gavi.” Volgens de krant is dit voor Xavi een kans om de Nederlandse voetbalstijl ‘die hem in zijn jeugd zo fascineerde’ van dichtbij mee te maken.
Ook Diario AS wijst erop dat Xavi de eerste buitenlandse bondscoach in bijna vijftig jaar is bij Oranje en zag de Spanjaard verschillende kandidaten aftroeven. “Onder de genomineerden bevonden zich namen als Roberto Martínez en Michael Reiziger. Arne Slot was een van de favorieten, maar hij weigerde het aanbod omdat hij zijn carrière in het clubvoetbal wilde voortzetten”, schrijft de krant.
Mundo Deportivo stipt aan dat de geschiedenis zich herhaalt. “De in Terrassa geboren trainer herhaalt de geschiedenis door Koeman op te volgen. Hij deed dat in november 2021 bij Barcelona en doet nu hetzelfde bij het Nederlands elftal”, aldus de Catalaanse krant. El Confidencial spreekt van een ‘schokkende wending’ en ook deze krant wijst op de toevalligheid dat Xavi alweer de opvolger is van Koeman. “Hij zal proberen de laatste stap te zetten die Nederland nodig heeft om mee te kunnen doen in het internationale voetbal.”