Zwitserland heeft zich donderdagavond op het WK hersteld van het puntenverlies tegen Qatar. De ploeg van bondscoach Murat Yakin was in Los Angeles met 4-1 te sterk voor Bosnië-Herzegovina en zette daarmee een belangrijke stap richting de knock-outfase van het WK.
Beide landen begonnen het duel met één punt uit de eerste groepswedstrijd. Zowel Zwitserland als Bosnië-Herzegovina incasseerde in het eerste WK-duel een late tegentreffer, waardoor de noodzaak om te winnen groot was. Zwitserland nam vanaf de aftrap het initiatief en had veelvuldig de bal, maar wist daar in de openingsfase nauwelijks kansen uit te creëren.
Bosnië-Herzegovina koos voor een afwachtende aanpak en loerde vooral op de counter. Dat leverde een eerste helft op waarin kansen schaars waren. De Zwitsers hadden het meeste balbezit, maar slaagden er nauwelijks in de Bosnische defensie uit elkaar te spelen.
Kort na rust werd Zwitserland voor het eerst écht heel gevaarlijk. Vooral Dan Ndoye liet zich gelden. De spits van Nottingham Forest was dicht bij een van de mooiste doelpunten van het toernooi, maar zag zijn spectaculaire omhaal knap gekeerd worden door doelman Nikola Vasilj.
Het bleek een zeldzaam hoogtepunt in een verder weinig sprankelende wedstrijd. Een kwartier voor tijd viel alsnog de openingstreffer. Invaller Johan Manzambi stond pas vier minuten binnen de lijnen toen hij een voorzet fraai op de volley achter Vasilj werkte: 1-0.
Daarmee was het verzet van Bosnië-Herzegovina gebroken. Niet veel later moest Tarik Muharemovic met rood van het veld nadat hij een doorgebroken tegenstander had neergehaald. Met een man meer werden de ruimtes gigantisch en liep Zwitserland in de slotfase helemaal weg bij de tegenstander. Einduitslag: 4-1.
Dankzij de zege doet Zwitserland uitstekende zaken in Groep B. De ploeg van Yakin staat na twee wedstrijden op vier punten, terwijl Bosnië-Herzegovina blijft steken op één punt. Daardoor moet het in de laatste groepswedstrijd tegen Qatar een resultaat boeken om uitzicht te houden op de volgende ronde.