Denzel Dumfries heeft een memorabel Champions League-debuut achter de rug voor Real Madrid. De Oranje-international won dinsdagavond met de Koninklijke van zijn voormalig werkgever Internazionale: 2-1. De Spanjaarden beginnen het nieuwe seizoen in de Champions League zo voortvarend.
De wedstrijd in het Santiago Bernabéu was een speciaal affiche voor Dumfries: de Nederlandse rechtsback stond vanaf 2021 vijf seizoenen onder contract bij Inter, alvorens hij in de afgelopen transferperiode voor twintig miljoen euro verkaste naar Real Madrid. Dumfries begon bij Real Madrid in de basis en ontsnapte in de openingsfase aan een achterstand, toen Lautaro Martínez en Marcus Thuram de vuisten van doelman Thibaut Courtois testten.
Inter had een optisch overwicht, maar Real Madrid sloeg in een tijdsbestek van slechts negen minuten tweemaal genadeloos toe. Kylian Mbappé opende de score in de veertiende minuut na voorbereidend werk van Brahim Díaz en kort erna profiteerde Federico Valverde van gestuntel van Josep Martínez. De doelman van Inter handelde te traag toen hij onder druk werd gezet door Valverde, waarna de Uruguayaanse middenvelder de bal binnenliep: 2-0.
Martínez herstelde zichzelf daarna knap: met enkele knappe reddingen voorkwam hij erger leed voor Inter in de eerste helft. Na de onderbreking waren de eerste kansen voor de bezoekers: Curtis Jones zette Courtois tweemaal aan het werk. Daarna liet Real Madrid enkele grote kansen op een derde treffer onbenut. Jude Bellingham en Mbappé stuitten op Josep Martínez, terwijl een inzet van Díaz voorbij het doel van Inter scheerde.
Inter mocht zo blijven hopen op een resultaat en wist zich een kwartier voor tijd terug te vechten in de wedstrijd. Lautaro Martínez trok de bal vanaf de rechterkant van het veld laag voor, waarna Carlos Augusto in de zestien het duel won van Dumfries en van dichtbij scoorde: 2-1. Wat volgde was een spannende slotfase. Daarin wist Real Madrid uiteindelijk stand te houden.