Aaron Bouwman vindt dat hij zich moet ontwikkelen in het geven van lange crosspasses. Tegenover ELF Voetbal Magazine vertelt de achttienjarige verdediger – die nog tot medio 2030 vastligt bij Ajax – dat hij op dit gebied nog niet tevreden is.
Bouwman maakte dit seizoen zijn debuut bij de hoofdmacht van Ajax. De centrumverdediger speelde vijf wedstrijden in de Eredivisie, kwam tweemaal in actie in de Champions League en maakte daarnaast twee optredens in het KNVB Bekertoernooi.
De verdediger, die vroeger als aanvaller actief was, wordt eerst gevraagd naar zijn sterke punten. Hij noemt onder meer zijn inzicht, het lezen van het spel en het bewaren van rust aan de bal.
Toch ziet Bouwman ook zeker verbeterpunten: “Het gaat steeds beter met leiding nemen achterin. Ook op het vlak van positie kiezen heb ik stappen gezet. Maar het moet allemaal nog beter. Ook mag ik nog meer pit in mijn spel leggen. Ik ben nog te lief.” Daarnaast werkt hij met Urby Emanuelson aan zijn wreeftrap: “We oefenen hoe ik het best een crosspass kan geven vanuit de verdediging. De snelheid en de kracht van de trap zijn inmiddels geen probleem meer, maar we zijn nu bezig met de richting. Daar ben ik nog niet tevreden over.”