Memphis Depay maakt zich niet druk om de concurrentie van Donyell Malen. Na enkele sterke maanden bij AS Roma dingt Malen nadrukkelijk naar een basisplek als spits bij het Nederlands elftal. Volgens Depay is die concurrentiestrijd alleen maar goed voor Nederland.
Depay is niet bang voor zijn eigen plek. “Nee, dat vind ik alleen maar mooi. Volgens mij heb ik ook al eerder voor de camera gezegd dat ik altijd binnenkom om de beste te zijn en om scherp te blijven, omdat ik weet dat er meerdere goede spelers zijn. Als Donyell ook in topvorm binnenkomt, is dat toch alleen maar beter voor het team”, zegt hij in een interview met SBS6.
“Of jullie hem in de spits willen hebben, of de trainer hem in de spits wil hebben, uiteindelijk moet ik gewoon leveren wat Memphis Depay kan leveren aan het Nederlands elftal”, zegt hij over zichzelf. “En dat heb ik in 108 wedstrijden geprobeerd te doen. Ik doe dat op de manier waarvan ik denk dat ik dat kan. Of de trainer daar veranderingen in wil aanbrengen, of dat per tegenstander verschilt, dat kan allemaal. Maar als andere jongens in topvorm binnenkomen, maakt dat alleen maar het niveau hoger. Daar ben ik blij mee."
Depay heeft een voordeel: hij is als speler uit de Braziliaanse competitie gewend aan de hitte waar Oranje mee te maken krijgt in de VS. "Ja, ik denk dat als jullie een keertje naar Brazilië gaan... Sommigen van jullie zijn daar volgens mij wel eens geweest. Dat is gewoon dag in, dag uit hoe ik train en hoe ik speel. Dit weer hier, of zelfs het weer in Amerika, dat is hier in ieder geval nog niks vergeleken met sommige plekken daar. Maar ik ben weleens in Dallas geweest met Barcelona en dat was echt heet. Ik denk dat ik daar wel aan gewend ben."
De topscorer aller tijden van Oranje spreekt uit dat hij voor de wereldtitel wil gaan. "Ik zeg dat we er wel voor moeten gaan. Zo sta ik er altijd in. Als je ergens heen gaat of iets probeert te bereiken, dan moet je voor het allerhoogste gaan. Je weet uiteindelijk nooit wat er kan gebeuren. Dat betekent niet dat je moet zeggen dat je de beste bent, maar wel dat je je kwaliteiten moet herkennen en daarin moet geloven. We moeten het straks ieder land zo moeilijk mogelijk maken. We hebben ook geen makkelijke poule. Dus daar moeten we in geloven en dan ga je voor het hoogst haalbare."