Giovanni van Bronckhorst is niet meer dezelfde trainer als in zijn eerste periode langs de kant bij Feyenoord. Nadat hij in 2019 vertrok uit De Kuip, werkte Van Bronckhorst bij Guangzhou R&F, Rangers, Besiktas en Liverpool (als assistent). In het buitenland heeft hij veel geleerd, terwijl het voetbal zich ook heeft doorontwikkeld.
In een interview met Voetbal International krijgt Van Bronckhorst de vraag op welke wijze hij is veranderd. “Pfff... enorm. Ik doe heel veel anders dan in mijn eerste periode. Als ik mijn trainingen van nu vergelijk met die van toen, zijn ze echt totaal anders”, antwoordt hij. “Dat komt niet alleen doordat ik per se ben veranderd, maar doordat het voetbal is veranderd, tactisch én fysiek.”
Volgens Van Bronckhorst is in tien jaar tijd ‘ontzettend veel’ veranderd. Dat merkte hij als assistent van Arne slot bij Liverpool. “Als je dan de Premier League ziet, zie je een competitie voor atleten. Alles draait om energie, om lopen. Het spel is zo fysiek geworden dat je als topclub geen makkelijke wedstrijden meer hebt. Ga maar eens naar Bournemouth of Crystal Palace, ook die ploegen spelen met ongelooflijk veel power en energie.”
“Toen ik 23 jaar geleden zelf bij Arsenal speelde, waren die wedstrijden anders. Die ontwikkeling zie je inmiddels ook terug in Nederland, weliswaar op kleinere schaal, maar het betekent wel dat je als trainer niet meer kunt doen wat je tien jaar geleden deed”, weet de voormalig linksback.
Van Bronckhorst hoopt de komende maanden een team te smeden dat ‘een hoog tempo speelt, met veel intensiteit, energie en passie’. “Een elftal dat durft te voetballen, rustig blijft onder alle omstandigheden, waar mogelijk direct vooruit speelt, verdedigend zijn mannetje staat en het iedere tegenstander ontzettend moeilijk maakt.”