De meningen zijn donderdagavond verdeeld over Frenkie de Jong aan de analistentafel van de NOS. Zijn voormalig trainer Erik ten Hag is lyrisch over de middenvelder, terwijl Wim Kieft en Jan Mulder zich kritischer opstellen.
De Jong speelde volgens Ten Hag ‘behoorlijk’ in de openingswedstrijd van Nederland tegen Japan. “Maar niet uitmuntend. Frenkie is een geweldige speler. Hij is zó vreselijk goed, vooral in de eerste en tweede fase van het opbouwen. Hij kan zorgen dat de aanvallers in stelling worden gebracht.”
“Daar is hij een van de beteren in de wereld in”, vindt de huidig technisch directeur van FC Twente. “Daarnaast is hij ook geweldig belangrijk in de zogenaamde restverdediging en de omschakeling naar verdedigen, omdat hij echt ruimtes kan dichtlopen. Dat niet alleen, meestal staat hij ook gewoon heel erg goed. Hij kan gewoon geweldig goed scannen.”
Ten Hag zag dat Dee Jong in het duel met Japan werd gezocht door zijn medespelers. “Maar de rest eromheen moet ook dominanter spelen. Maar hij is natuurlijk wel in staat om spelers te lokken. In principe heb je met hem altijd het gevoel dat je met een man meer op het veld staat. Want hij kan uitstellen, tegenstanders naar zich toe lokken, maar dan moet de rest daar wel van gaan profiteren.”
Kieft plaatst vervolgens een kanttekening. “Het lijkt wel alsof we bijna niet kritisch mogen zijn op Frenkie de Jong. Vind je niet dat hij heel vaak erg lang uitstelt om te spelen? Het zou het spel ook kunnen versnellen als hij hem af en toe wel in één keer direct op Gakpo of Summerville speelt aan de zijkant. Het is altijd ‘zoeken, zoeken, zoeken’ naar de beste oplossing, maar die is er niet altijd.”
“Dat is een balans”, antwoordt Ten Hag. “Het is wel een kwaliteit dat hij zo goed kan scannen, dat hij bijna nooit onder druk gezet kan worden. En als dat gebeurt, kan hij dribbelen en mensen uitspelen. Daarmee kan hij overtallen creëren. Maar zoals ik zeg: dan moet de rest daar wel op ingesteld zijn en daar wel van gaan profiteren. Ook zou het fijn zijn om naast Frenkie een passer te hebben, die het spel van ‘klein’ naar ‘groot’ kan verleggen. Dat hadden wij met Lasse Schöne bij Ajax, die kan dat als de beste. Bij Oranje kan Ryan Gravenberch dat wel.”
Als de NOS wat beelden uitzendt van De Jong tegen Japan, valt Mulder iets op. “Het is toch vreemd? Jullie hebben wat beelden opgezocht van Frenkie tegen Japan. Ik zie alleen maar balletjes breed. Ik mis niet alleen de versnelling, ik mis alles. Het is niet om aan te zien! Balletje breed, elke voetballer kan dat. Het is niet gezegd dat hij niet iets anders kan, maar moeilijk te vinden blijkbaar.”