Het Nederlands elftal heeft de eerste interlandperiode onder leiding van Xavi Hernández afgesloten als koploper in de Nations League. Door een nipte 2-1 overwinning op Servië en een 0-0 gelijkspel tussen Griekenland en Duitsland staat de nationale ploeg momenteel bovenaan in de groep. Uit de eerste vier duels pakte Nederland acht punten, al laat het vertoonde spel zien dat er nog genoeg werk aan de winkel is.
De eerste serie wedstrijden tegen Duitsland, Servië, Griekenland en nogmaals Servië levert dan ook direct de nodige vraagtekens op richting de ontknoping in november. Waar de resultaten op het eerste oog prima zijn, heeft Oranje duidelijk moeite met de veldbezetting en een voorhoede die niet echt op stoom wil komen. Na vier duels kunnen we dan ook drie duidelijke conclusies trekken.
Joshua Zirkzee werd afgelopen zondag in Eindhoven de matchwinner door als invaller de beslissende 2-1 binnen te werken. De spits van Manchester United werd pas op het laatste moment opgeroepen door Xavi Hernández na het wegvallen van de geblesseerde Brian Brobbey. Zijn doelpunt betekende direct zijn eerste treffer sinds 30 december 2025. De aanvaller staat na zijn optreden op acht interlands en twee doelpunten voor het Nederlands elftal, waarmee hij zich nadrukkelijk heeft laten zien.
Zirkzee liet tegen Servië zien dat hij een uitstekend alternatief kan zijn voor een aanval die tot nu toe uiterst wisselvallig presteert. Waar Mexx Meerdink eerder al werd opgeroepe en in het uitduel in Belgrado nog de grote man was met twee doelpunten, werd de jonge spits afgelopen weekend na een onzichtbare eerste helft al in de rust gewisseld. De afronding van aanvallers zoals Meerdink liet te wensen over, terwijl buitenspelers Noa Lang en Crysencio Summerville weliswaar voor dreiging zorgden met acties, maar nauwelijks echt grote kansen wisten te creëren uit open spel. Bondscoach Xavi heeft voorin dan ook nog flink wat te puzzelen.
Bij Manchester United heeft Zirkzee het dit seizoen niet makkelijk onder manager Michael Carrick, waar hij voornamelijk op de bank zit en tot nu toe slechts 22 minuten in actie kwam in de Premier League. Desondanks liet de aanvaller bij Oranje zien dat hij er direct staat op het moment dat het moet. Met zijn doelpunt bezorgt hij Hernández een extra optie in een periode waarin de vaste waarden voorin nog niet het gewenste rendement laten zien.
Virgil van Dijk speelde tegen de Serviërs een bijzondere wedstrijd door zijn honderdste interland voor Oranje te noteren. De centrale verdediger is inmiddels 84 keer aanvoerder geweest en heeft aangegeven door te willen gaan tot en met het EK in 2028. Toch kon ook de routinier niet voorkomen dat de achterhoede wederom kwetsbaar oogde. Nederland kreeg namelijk voor het twaalfde duel op rij een tegendoelpunt te verwerken.
Die defensieve problemen werden goed zichtbaar in eigenlijk alle duels. Het experiment met Teun Koopmeiners centraal achterin in het laatste duel zorgde aan de bal weliswaar voor extra creativiteit en een rake vrije trap, maar zonder bal ontbrak het aan stabiliteit. Koopmeiners bleek in de achterste linie simpelweg geen echte pure mandekker te zijn.
Bondscoach Xavi gaf na afloop aan dat de schade bij de verdediger meevalt, maar het moment benadrukt wel de kwetsbaarheid van de achterhoede tijdens omschakelmomenten. Het te makkelijk weggeven van kansen blijft een groot probleem dat Oranje snel moet zien op te lossen.
Xavi Hernández kan qua resultaten terugkijken op een prima start bij het Nederlands elftal: Oranje is onder zijn leiding immers nog ongeslagen. Met acht punten en een doelsaldo van plus twee staat de ploeg momenteel op de eerste plek in Groep A2, op basis van het aantal gemaakte doelpunten ten opzichte van Griekenland dat eveneens acht punten heeft. Duitsland volgt op plek drie met vijf punten, terwijl Servië met nul punten onderaan staat.
Hoewel de koppositie een prima uitgangspunt is voor een plek in de kwartfinales, waarschuwen buitenlandse media dat Oranje er nog lang niet is. Het wisselvallige veldspel en het eerdere 2-2 gelijkspel in Athene, waar Nederland terugkwam van een 2-0 achterstand, laten zien dat de marges minimaal zijn. De eerste plek is binnen bereik, maar het veldspel geeft weinig reden om achterover te gaan leunen.
De echte test voor Oranje volgt dan ook medio november met twee zware affiches. Op vrijdag 13 november speelt de ploeg in de Johan Cruijff ArenA tegen Griekenland, waarna drie dagen later de uitwedstrijd tegen Duitsland in het Olympiastadion in Berlijn wacht. Die twee wedstrijden gaan bepalen of Xavi en zijn elftal de koppositie ook daadwerkelijk over de streep kunnen trekken.