Tolu Arokodare scoort vaker bij Ajax, toch meer basisplaatsen voor Marcos Leonardo
Bij Ajax is er dit seizoen een flinke discussie ontstaan over wie de eerste spits moet zijn: Tolu Arokodare of Marcos Leonardo. Arokodare weet het net een stuk makkelijker te vinden namens de Amsterdamse club, maar wordt door zijn speelstijl toch vooral gezien als een ideale pinchhitter. Leonardo scoort tot nu toe amper, terwijl hij op papier juist veel meer het profiel heeft om als vaste basisspeler in de punt van de aanval te staan.
Ajax haalde afgelopen zomer maar liefst drie nieuwe centrumspitsen in huis om het gebrek aan goals op te lossen. Naast Arokodare en Leonardo werd namelijk ook Kasper Dolberg teruggehaald naar Amsterdam. De Deen viel eerder deze maand echter voor de rest van het seizoen weg nadat hij zijn kruisband afscheurde tijdens een training bij zijn nationale ploeg. Daardoor gaat de strijd in de spits onder trainer Míchel Sánchez nu volledig tussen de twee overgebleven aanvallers.
Arokodare overlegt veel betere cijfers dan Leonardo
Wie dit seizoen een blik werpt op de statistieken, ziet dat de cijfers van de twee spitsen ver uit elkaar liggen. Arokodare, die met een optie tot koop van twintig miljoen euro wordt gehuurd van Wolverhampton, kwam in negen competitieduels (vijf in de basis, vier als invaller) al tot vijf goals en één assist in 452 speelminuten in de Eredivisie. Afgelopen zondag speelde de huurling nog de volle negentig minuten mee op bezoek bij Sparta Rotterdam (1-2 zege) en tekende hij voor de openingstreffer. Eerder die week was hij als invaller in de Conference League tegen Atalanta ook al goud waard door in de 87e minuut de 1-0 binnen te schieten en daarna de assist te geven voor de 2-0. Over alle competities staat zijn teller inmiddels op acht goals en drie assists in dertien duels.
De 23-jarige Leonardo beleeft daarentegen een moeizame start in Amsterdam. De Braziliaan kwam in juli voor een bedrag van net onder de twintig miljoen euro over van Al-Hilal en tekende een contract tot medio 2031, maar liep bij zijn binnenkomst achter op fysiek vlak en moest duidelijk wennen aan het Europese tempo. Na dertien duels voor Ajax staat hij op slechts twee goals, waarvan één intikker tegen Telstar in de Eredivisie. Sánchez gaf zijn aankoop tegen zowel FC Groningen (75 minuten) als Atalanta (66 minuten) nog een basisplaats, maar tot scoren kwam hij in beide wedstrijden niet. Afgelopen zondag tegen Sparta moest de jonge spits zelfs negentig minuten lang vanaf de bank toekijken, iets wat hem dit seizoen al twee keer eerder in de competitie overkwam.
Verleden verklaart status van Leonardo en Arokodare
Als we kijken naar de eerdere clubs van beide spelers, is het goed te verklaren waarom Leonardo ondanks zijn droogte toch als basisspits wordt gezien. Bij zijn jeugdclub Santos speelde de Zuid-Amerikaan 168 duels (126 in de basis) en was hij goed voor 54 goals, waarvan hij er 43 maakte in zijn laatste twee seizoenen in Brazilië. Na een kort avontuur bij Benfica, waar hij in 24 veelal korte optredens (478 minuten) alsnog acht keer scoorde, trok hij die goede lijn door in Saoedi-Arabië. Bij Al-Hilal was Leonardo een vaste waarde met 48 doelpunten in 82 officiële wedstrijden. Oftewel: bij zijn drie vorige clubs kwam de spits tot een totaal van 110 goals in 274 officiële duels.
De carrière van Arokodare laat juist een veel wisselvalliger beeld zien tussen periodes in de basis en een rol als invaller. Bij Valmiera FC in Letland begon de spits nog productief, maar een verhuurperiode aan 1. FC Köln leverde in tien duels (258 minuten) geen enkele treffer op. Bij het Franse Amiens SC en daarna KRC Genk wist hij het net weer een stuk makkelijker te vinden: in België maakte hij, afhankelijk van welke statistiekenbron wordt aangehouden, 34, 36 of 41 goals in 84 tot 95 duels. In Engeland had de aanvaller het bij Wolverhampton voor zijn komst naar Ajax echter weer erg lastig om een basisplaats te veroveren en te scoren, met drie goals in 33 Premier League-duels (en vijf treffers in 35 wedstrijden over alle competities).
Analisten en data verdeeld over spitsen van Ajax
Hoewel de cijfers bij Ajax op dit moment in het voordeel van Arokodare spreken, blijft de vraag of hij echt geschikt is als eerste spits van de Amsterdammers. Hij wordt vooral gezien als een fysiek aanspeelpunt en pure afmaker, maar Sánchez was na de zege op Sparta nog kritisch over de bijdrage van zijn spits buiten zijn doelpunten om. Een kritische analist vond hem bovendien te weinig een sluipschutter en bestempelde hem eerder als een spits voor de Belgische competitie. Columnist Willem van Hanegem is in het Algemeen Dagblad daarentegen juist zeer lovend over de trefzekerheid van de huurling en gaf de clubleiding het advies om de spits direct definitief binnen te halen.
Tegelijkertijd zijn er bij zowel data-analisten als commentatoren twijfels of Leonardo zijn rol als beoogde aanvalsleider op dit moment wel waar kan maken. Uit een scoutinganalyse van de Braziliaan blijkt dat hij een laag passvolume heeft en nog stappen moet zetten in zijn balvastheid en eindpassing, waardoor hij niet zomaar als vast aanspeelpunt kan fungeren. Wim Kieft gaf bij Ziggo Sport aan dat de spits bij vlagen goed kan voetballen, maar stelde ook dat het uitblijven van goals nu wel erg lang begint te duren. Volgens de achterliggende data van FootballTransfers heeft Arokodare op dit moment ook een hogere Skill (61,3 met een Potential van 65,7 en een Estimated Transfer Value van 22,6 miljoen euro) dan Leonardo (58,9), terwijl de geblesseerde Dolberg op een Skill van 62,3 staat. Komende zaterdag wacht voor Ajax alweer de volgende test in de Eredivisie, wanneer het duel met AZ op het programma staat.